Ruilverkaveling in Aalten

In december 1972 stemden de grondeigenaren vóór de ruilverkaveling Aalten. Daarna veranderde het buitengebied in de jaren zeventig en tachtig ingrijpend.

Foto: Aaltense Goor (bron: icoonlandschappen.nl)
Foto: Aaltense Goor (bron: icoonlandschappen.nl)

In december 1972 werd vóór de ruilverkaveling Aalten gestemd. Het plan besloeg 7.240 hectare en werd aangenomen door 67 procent van de stemgerechtigden, die samen 66 procent van de grond vertegenwoordigden. Daarmee begon niet in één klap, maar wel onomkeerbaar een langdurige herinrichting van een groot deel van het Aaltense buitengebied.

De ruilverkaveling moest de landbouw moderner en efficiënter maken. Verspreid liggende percelen werden samengevoegd, wegen en waterlopen aangepast en verschillende bedrijven kregen een nieuwe plek. Tegelijk veranderde daarmee een landschap dat eeuwenlang was gegroeid.

Jaren van voorbereiding

Aan de stemming van 1972 ging een lange voorbereiding vooraf. In de jaren zestig werd het gebied nauwkeurig onderzocht en in kaart gebracht. Bodem, grondwater, wegen, waterlopen, verkaveling en landbouwbedrijven werden bekeken om een nieuw inrichtingsplan te kunnen maken.

Dat de plannen al vóór 1972 concreet waren, blijkt ook uit het artikel Aalten heeft grote plannen uit 1967. Daarin werd bij de toekomstige ontwikkeling langs de Keizersbeek al rekening gehouden met landbouwers die door de ruilverkaveling naar een andere plek zouden verhuizen.

De stemming van 1972

In december 1972 mochten de belanghebbenden stemmen. Het ruilverkavelingsblok Aalten omvatte 7.240 hectare. Van de stemgerechtigden stemde 67 procent vóór; zij vertegenwoordigden 66 procent van de betrokken grond.

1972 is daarom het duidelijkste beginpunt van de eigenlijke ruilverkaveling. Het was echter geen project dat in datzelfde jaar werd uitgevoerd. De plaatselijke commissie werkte vanaf 1973 jarenlang aan de uitwerking en uitvoering.

Grond, wegen en boerderijen

Het belangrijkste doel was een betere landbouwkundige verkaveling. Veel boeren bewerkten meerdere kleine percelen die verspreid lagen en soms slecht bereikbaar waren. Door grond opnieuw toe te delen konden grotere kavels dichter bij de boerderij ontstaan.

Daar hoorde een nieuwe infrastructuur bij. Oude zandwegen verdwenen of verloren hun functie, andere wegen werden verhard of nieuw aangelegd. De Aladnaweg is daarvan een zichtbaar voorbeeld. Bij adressen langs deze weg vermeldde het Kadaster later expliciet dat de wijziging het gevolg was van de ruilverkaveling.

Sommige boerenbedrijven werden verplaatst. Zo verhuisde de familie Bongen in 1978 van een pachtbedrijf aan de Nijhofsweg in Barlo naar een nieuwe locatie aan de Zilverbekendijk. Zulke bedrijfsverplaatsingen maakten het mogelijk om grond rond de nieuwe boerderij te concentreren.

Ook het water werd opnieuw ingericht

De ruilverkaveling ging veel verder dan het uitwisselen van percelen. Ook sloten, beken en andere waterlopen werden aangepast om landbouwgronden beter te ontwateren. Water kon daardoor sneller worden afgevoerd en natte percelen werden gemakkelijker bruikbaar voor moderne landbouw.

In het Zwanenbroek is de verandering nog goed af te lezen. Het vroegere kleinschalige broeklandschap werd in de jaren zeventig sterk vergroot en rechtgetrokken. Ook waterlopen kregen er een nieuwe, meer functionele loop.

Zorgen om natuur en landschap

De gevolgen voor natuur en landschap waren al vóór de uitvoering onderwerp van discussie. Kort na de stemming werd de vogelstand in het gebied geïnventariseerd om later te kunnen vaststellen wat de ruilverkaveling zou veranderen.

In 1974 vroeg een Aaltense werkgroep voor natuurbehoud en milieubeheer om werkzaamheden in onder meer het Goor en het Zwanenbroek uit te stellen. De groep wees op houtwallen en singels, natuurlijke waterlopen, planten en dieren die in het bestaande plan onvoldoende beschermd zouden zijn.

Die zorgen bleken niet ongegrond. Op verschillende plaatsen verdwenen kleinschalige kavelpatronen, zandwegen en veel oude beplanting. Vooral buiten het beschermde deel van het Aaltense Goor veranderde het landschap ingrijpend.

Het Aaltense Goor

Juist het Aaltense Goor laat zien dat de uitkomst niet overal hetzelfde was. Het natte gebied bestond uit kleine weilanden met sloten en elzensingels. Een deel werd tijdens de ruilverkaveling geschikt gemaakt voor moderne landbouw, maar een belangrijk gedeelte bleef als natuurgebied behouden.

Daar is nog te zien hoe het jonge broek- en goorontginningslandschap vóór de schaalvergroting op veel meer plaatsen rond Aalten en Bredevoort voorkwam. Het gebied geldt tegenwoordig als een waardevol cultuurlandschap en natuurgebied.

Een proces van jaren

De stemming van december 1972 was slechts het begin. De uitvoering nam een groot deel van de jaren zeventig en tachtig in beslag. In 1983–1984 lag het plan van toedeling ter inzage; enkele jaren later was de akte van toedeling gepasseerd. Ook daarna moesten financiële en administratieve onderdelen nog worden afgewikkeld.

De ruilverkaveling veranderde daarmee niet alleen wie welk stuk grond bezat. Wegen, waterlopen, boerderijen en perceelsgrenzen werden verlegd en het aanzien van grote delen van het buitengebied veranderde blijvend.

Voor de landbouw bood dat belangrijke voordelen. Tegelijk gingen onderdelen van het oude coulisse-, broek- en goorlandschap verloren. Juist dat dubbele karakter maakt de ruilverkaveling tot een belangrijk keerpunt in de recente geschiedenis van het Aaltense landschap.

Bronnen