Op 17 november 1964 vertrok de in Aalten geboren majoor-vlieger Willem ‘Wim’ Heitmeijer vanaf vliegbasis Leeuwarden voor een navigatievlucht met een Starfighter. Tijdens de vlucht raakte hij buiten bewustzijn. Zijn toestel bleef op de automatische piloot doorvliegen en legde zonder reagerende piloot honderden kilometers af, tot diep in Noorwegen.
Een gewone oefenvlucht
Heitmeijer was sinds 3 augustus 1964 commandant van 322 Squadron. Op de ochtend van 17 november 1964 vloog hij met de Lockheed F-104G Starfighter D-8045. Luitenant J.C. Dames vloog als zijn wingman mee. De twee toestellen vormden Mission 07.
Om 09.21 uur Zulu-tijd stegen zij op vanaf Leeuwarden. Aanvankelijk verliep de vlucht normaal, maar al na ongeveer vier minuten meldde Heitmeijer problemen met de cabinedruk en de verwarming. Ook de radioverbinding werd slechter. Om 09.39 uur liet hij weten dat hij de cabinedruk niet op peil kon houden; kort daarop meldde hij hoofdpijn.
Bewusteloos in de cockpit
Enige tijd later kreeg Dames geen antwoord meer van zijn commandant. Hij vloog naast de D-8045 en zag Heitmeijer voorovergebogen in de cockpit zitten. Om 10.02 uur meldde hij dat zijn vluchtleider vermoedelijk problemen met de zuurstofvoorziening had en bewusteloos was.
De Starfighter bleef intussen op ongeveer 27.000 voet naar het noorden vliegen, kennelijk op de automatische piloot. Dames probeerde Heitmeijer wakker te krijgen, maar moest uiteindelijk vanwege zijn eigen brandstofvoorraad terugkeren. De Duitse, Deense en Noorse luchtverdediging werden gewaarschuwd.
Boven Noorwegen
Om 10.40 uur Zulu-tijd vloog de Nederlandse Starfighter het Noorse luchtruim binnen. De Noorse luchtmacht stuurde een F-86 Sabre op het toestel af. Luitenant-kolonel Arne Riegels kreeg de Starfighter boven het gebied van de Hardangerjøkulen in zicht.
Riegels zag dat Heitmeijer nog altijd voorovergebogen in zijn stoel zat. Hij probeerde hem via verschillende radiofrequenties te bereiken en manoeuvreerde zijn toestel rond de Starfighter in een poging een reactie uit te lokken. Zonder resultaat.
Toen de brandstof van de D-8045 opraakte, viel de motor uit. Het toestel verloor hoogte en verdween door het wolkendek.
Zoektocht in zwaar weer
Aanvankelijk werd aangenomen dat de Starfighter in zee was gestort. De weersomstandigheden in Noorwegen waren slecht: sneeuw, harde wind en weinig zicht bemoeilijkten de zoektocht. Getuigen hadden echter vanuit het binnenland een harde knal gehoord.
De volgende ochtend werd het zoekgebied verlegd naar Eikrem en het Treekergebied. Ongeveer zestig mensen namen aan de zoekactie deel. Om 10.10 uur werd het wrak gevonden bij Niplia in het Treekerskogen, nabij Straumsnes in de gemeente Tingvoll.
Wat ging er mis?
Het onderzoek wees in de richting van een probleem met de zuurstofvoorziening. Heitmeijer was tijdens de vlucht vermoedelijk door zuurstofgebrek buiten bewustzijn geraakt. Doordat de Starfighter op de automatische piloot bleef vliegen, zette het toestel zijn koers voort totdat de brandstof op was.
Gespecialiseerde documentatie over de F-104 vermeldt eveneens problemen rond het zuurstofmasker als oorzaak van het bewustzijnsverlies. Het precieze moment waarop Heitmeijer overleed kon niet worden vastgesteld.
Een graf ver van Aalten
De stoffelijke resten die konden worden geborgen, werden op 2 december 1964 begraven op de begraafplaats van Værnes. Waarom de Nederlandse vlieger in Noorwegen werd begraven en niet naar Nederland werd overgebracht, is niet duidelijk geworden.
Voor zijn weduwe Atty had juist de rampplek bij Niplia de betekenis van zijn werkelijke graf. De plek groeide in de jaren daarna uit tot een plaats van herinnering voor de familie en de plaatselijke bevolking.
‘Bill’s corner’
Rond Straumsnes bleef de herinnering aan Heitmeijer bestaan. Op de plaatselijke school ontstond een kleine tentoonstelling die Bill’s corner werd genoemd, naar de bijnaam die Heitmeijer binnen de luchtmacht droeg.
Op initiatief van zijn zoon Hilbert werd op de rampplek een gedenkplaat geplaatst. Deze werd op 2 mei 2000 onthuld. Familieleden reisden daarvoor vanuit Nederland naar Noorwegen. Vier gevechtsvliegtuigen van 322 Squadron vlogen boven de plechtigheid de missing man formation, waarbij één toestel de formatie verlaat als symbool voor degene die niet is teruggekeerd.
Daarmee kreeg de laatste vlucht van Willem Heitmeijer, begonnen op een gewone novemberochtend in Leeuwarden, vijfendertig jaar later een blijvend gedenkteken in de Noorse bossen.
