Op verschillende gevels in de oude binnenstad van Bredevoort zijn schildjes met familiewapens en namen van borgmannen te zien. Ze herinneren aan de adellijke bewoners die eeuwen geleden bij het kasteel en de verdediging van Bredevoort betrokken waren. Maar welke huizen waren werkelijk borgmanshuizen, en hoeveel waren het er?
Woningen van de borgmannen
Bredevoort ontstond in de omgeving van een burcht die al in 1188 wordt vermeld. Bij het kasteel groeide een nederzetting waar ook borgmannen een plaats hadden. Deze doorgaans adellijke of riddermatige mannen waren verplicht de heer van Bredevoort bij de verdediging van zijn bezittingen bij te staan. Daar stonden bijzondere rechten en inkomsten uit goederen tegenover. Meer over hun positie staat in het artikel Borgmannen en het ontstaan van Bredevoort.
De bijbehorende woonerven worden borgmanplaatsen genoemd. Het ging niet noodzakelijk om kleine kastelen: er konden woonhuizen, erven en bijgebouwen bij horen. Hoeveel borgmanplaatsen er op enig moment waren en waar alle oorspronkelijke percelen lagen, is nog niet volledig vastgesteld. Ook het aantal borgmannen dat in een bepaald jaar wordt genoemd, mag niet zonder meer gelijk worden gesteld aan het aantal huizen.
Van borgmanplaats tot stadshuis
Toen Bredevoort verder groeide, veranderde ook de bebouwing. Grotere erven werden in de loop van de tijd verdeeld en bebouwd met woningen van andere inwoners. Niet ieder huidig huis op een oude borgmanplaats hoeft dus zelf uit de middeleeuwen te dateren.
De Cultuurhistorische analyse Bredevoort uit 2011 laat zien dat het middeleeuwse stratenpatroon opmerkelijk goed herkenbaar is gebleven. De Landstraat vormt de hoofdas en de Markt sluit daarop aan. Achter de gevels liggen vaak ondiepe of onregelmatige percelen; brand- en druipgangen herinneren aan de vroegere hout- en skeletbouw.
De verwoesting van 1646
Op 12 juli 1646 trof de bliksem de kruittoren van het kasteel. De ontploffing verwoestte niet alleen een groot deel van de burcht, maar beschadigde ook vele huizen in Bredevoort. Volgens de cultuurhistorische analyse zijn slechts in enkele huizen bouwconstructies van vóór de zeventiende eeuw aangetroffen. Vermoedelijk werden bij de herbouw veel bestaande perceelgrenzen behouden, omdat het stratenplan niet wezenlijk veranderde.
Dat onderscheid is belangrijk: een perceel kan eeuwenoud zijn, ook wanneer het huis dat er tegenwoordig op staat veel jonger is.
Welke huizen kennen we?
Aan de Markt staat een van de oudste nog herkenbare woonhuizen van Bredevoort. In Monumenten in Nederland – Gelderland wordt het diepe pand bij Markt 1/1a (Bakkerij Swijtink) genoemd als waarschijnlijk bewaard gebleven voorbeeld van een borgmanshuis. De achtergevel heeft een datering uit 1613, met vlechtingen en duivengaten. Het archeologische bureauonderzoek bij Markt 1 uit 2011 wijst bovendien op mogelijke oudere bebouwing in de directe omgeving, maar bewijst niet dat de onderzochte grond zelf tot een borgmanplaats behoorde.
Een ander bekend pand is Markt 5, dat tegenwoordig de eigennaam Het Borgmanshuis draagt. Die naam wil niet zeggen dat dit het enige borgmanshuis van de stad was. Op de gevel bevindt zich een schildje dat herinnert aan Gotschalk van Rhemen, vermeld als borgman in 1254. De historische relatie tussen de naam op een schildje en het huidige gebouw verdient steeds afzonderlijke verificatie.
Daarnaast worden in historische beschrijvingen onder meer de voormalige borgmanplaats van de familie Van Merfelt en het huis van Wolf Misslich genoemd. Om de precieze ligging, latere eigenaars en huidige adressen verantwoord vast te leggen, moeten oude transportakten, perceelkaarten en bouwgeschiedenis met elkaar worden vergeleken.
Wat vertellen oude archieven?
De bewaard gebleven stukken uit de vroegmoderne tijd bieden aanknopingspunten. Een burgerlijst uit 1612 noemt bijvoorbeeld Dynnberch van Rhemen, Juffer van Merfelt en een Broeckhuis huisong. Deze lijst gaat over de verdeling van gebruiksrechten in het Swanenbroek en is daarmee nog geen adressenregister.
In het Bredevoortse vrijwillige rechterlijke protocol van 5 januari 1614 verschijnt Diderich van Broeckhuijsen uitdrukkelijk met de aanduiding Borchman. Samen met andere vertegenwoordigers van de stad protesteerde hij tegen een grondtransactie op de Gansekule. Zulke akten laten zien dat de borgmannen ook in het begin van de zeventiende eeuw als afzonderlijke groep optraden.
De wapenschildjes aan de gevels
Verspreid over de historische binnenstad hangen gevelschildjes met namen en familiewapens van borgmannen. In lesmateriaal voor een Bredevoortse historische speurtocht uit 2016 wordt gesproken over achttien huizen met borgmanwapens. Of alle achttien schildjes nog op dezelfde plaats aanwezig zijn, is nog niet gecontroleerd.
De schildjes zijn een zichtbare herinnering aan het verleden, maar geen zelfstandig bewijs dat de genoemde persoon in precies dat huis woonde. Sommige panden werden immers pas veel later gebouwd. Daarom willen we de namen en locaties combineren met historische kaarten en archiefstukken.

