Tijdens WO2 werd boerderij ’t Heggeltje bewoond door Jan Willem en Berendina Hoftijzer met hun twee kinderen. Begin 1943 werd een achtjarig joods jongetje, Wim Abas uit Rotterdam, met heel weinig kleren door een ondergrondse koerier achterop zijn fiets naar hun huis gebracht.
Wim was een zeer stil en verlegen kind, dat in het najaar van 1942 van zijn ouders was gescheiden en sindsdien ondergedoken zat. Hij had het erg moeilijk om zich aan te passen aan zijn nieuwe situatie. Daarbij speelde mee dat Wim slechthorend was en de lippen van de Hoftijzers, die onderling dialect spraken, niet kon lezen. Daardoor voelde hij zich erg alleen. Wimpie, zoals hij nu werd genoemd, begon in zijn bed te plassen.
Ondanks de liefde en zorg van de familie Hoftijzer vond men het beter Wim elders onder te brengen. In het najaar van 1944 werd hij naar een ander gezin gebracht.
Aan het eind van de oorlog ging Wim terug naar zijn ouders, die het overleefd hadden. Na een verblijf van een jaar in Denemarken, georganiseerd door de groep Save the Children, emigreerde hij in 1955 naar Israël. Hij verloor alle contact met de Hoftijzers en vergat na verloop van tijd zelfs hun namen.
Pas na lang zoeken kwam hij in 2002 weer in contact met de dochter, Hanna. Op 10 augustus 2003 erkende Yad Vashem Jan Willem Hoftijzer en Berendina Johanna Hoftijzer-Hoopman als Rechtvaardigen onder de Volkeren.
In onderstaande video leest Herman Onnink een verhaal voor, getiteld: “Een klein bang Joods jungesken”. Dit verhaal, geschreven door Thea Onnink, gaat over Wim Abas die als kleine jongen was ondergedoken in Barlo en hoe hij er achterkwam wat zijn onderduikadres geweest was: boerderij ’t Heggeltjen. Dit verhaal duurt 13 minuten:
’t Heggeltje, augustus 1945 – foto aangeleverd door voormalig onderduiker Wim AbasJan Willem & Berendina Hoftijzer, 21-08-1955
⚠️ Website onderhoud
Momenteel voeren we groot onderhoud uit om de website te verbeteren. Daardoor kunnen er tijdelijk foutmeldingen optreden (zoals “Pagina niet gevonden”).