Markant vormgegeven dubbele woning gebouwd in 1937 naar een ontwerp van B. Blekkink en B.W. Doornink. De voorgevel is voorzien van een opvallende betegelde verticale detaillering en heeft een diep portiek waarin beide voordeuren van de woningen zijn opgenomen.
Het gebouw is in hoofdvorm nog zeer oorspronkelijk en neemt binnen dit gedeelte van de Prinsenstraat een karakteristieke en beeldbepalende positie in. Het vormt bovendien met name met het linker buurpand nummer 40 een aardig historisch ensemble.
Breta, huis met daarachter het magazijn (afbeelding ontvangen van Joke Heinen-Brethouwer)
Vroeger zat hier o.a. het woonhuis en de winkel van meubelmaker Houwers en later fietsengroothandel Brethouwer Aalten, oftewel ‘Breta’. Achter het huis bouwde Brethouwer een magazijn.
Het magazijn werd later gesloopt en hier staan nu de appartementen aan het pleintje dat de naam Veemarkt kreeg (wat historisch niet accuraat is, want de vroegere veemarkt werd hier niet gehouden).
Voorheen had dit pand huisnummer 46. Tegenwoordig is het onderverdeeld in appartementen en heeft het als huisnummers 50-56.
Midden 19e eeuw kocht Hendrik Jan Degenaar een perceel bouwland aan de Dijkstraat, 250 meter zuidwaarts van zijn woning. Rond 1894 laat zijn zoon Gerrit Jan Johannes daar een woning op bouwen.
In 1931 vestigde zich op dit adres slager Otto Kollenberg, begin 1942 vertrokken zij naar Winterswijk:
N.V. Geldersche Vleeschhal, voorheen W. Blom te Winterswijk Wooldstraat 63; Rund-, kalfs-, lams- en varkensslagerij, enz. Op grond van paragraaf 7 van de „Verordening tot verwijdering van joden uit het bedrijfsleven” is benoemd tot bewindvoerder, gerechtigd tot het beheer der N.V., O. K. H. Kollenberg te Aalten en tot bewindvoerder gerechtigd tot het vervreemden der onderneming de „Niederlandische Aktiengesellschaft für Abwicklung von Unternehmungen”, Den Haag.
Volgens Findagrave klopten tijdens de bevrijding van Haaksbergen op 1 april 1945 de Binnenlandse Strijdkrachten aan bij de familie Kollenberg. Otto kwam naar buiten met zijn handen hoog, zijn vrouw Wilhelmina weigerde en werd door de deur heen doodgeschoten. Zij ligt begraven op de Duitse Oorlogsbegraafplaats in Ysselsteyn (gem. Venray). Over het lot van Otto is ons niets bekend.
Ondertussen had Johan Eppink zijn slagerij ‘Nooitgedacht’ gevestigd in het voormalige pand van Kollenberg.
Later was op dit adres de bloemisterij van D.W. van der Beek te vinden.
Fragment kadastrale kaart, 1895 (perceel I-2071)Aaltensche Courant, 27 oktober 1931Aaltensche Courant, 4 juni 1937De Graafschapper, 31 december 1945Dagblad Tubantia, 2 april 1958Nieuwe Winterswijksche Courant, 25 november 1970Bloemsierkunst D.W. van der Beek, 1988
Op nevenstaande foto zien we Engelina Lanting-te Linde voor haar drogisterij op nummer 26. Haar man, Reinder Lanting, had achter de winkel een schilderwerkplaats. Tegenwoordig is dit het adres van Eggink Maalderink Garantiemakelaars.
De naam Molenstraat verwijst naar De Hoop, een van de vele molens die ooit in Aalten stonden en voor een deel nog staan. Vóór 1930 werd de molen al gemechaniseerd. De overgebleven romp werd in 1968 gesloopt.
Een opvallend detail van dit pand is de aanwezigheid van zogenaamde ‘blikken plafonds‘. Blikken plafonds zijn afgewerkt met blikken cassettes (panelen) waar decoratieve patronen in zijn geperst. Dit fenomeen waaide begin vorige eeuw over vanuit Amerika en was sneller en goedkoper dan het traditionele sierstucwerk dat doorgaans in dit soort huizen werd aangetroffen.
Deze plafonds hadden echter ook hun nadelen. Ten eerste namen ze de opstijgende kachelwarmte zo gretig op dat de bewoners zich arm stookten. Een ander minpunt werd duidelijk na de elektrificatie; ze geleidden elektriciteit, wat kon leiden tot kortsluiting of erger.
Blikken plafonds werden slechts gedurende een korte periode toegepast in Nederland. Door de Eerste Wereldoorlog kon dit Amerikaanse materiaal vrijwel niet meer per schip worden aangevoerd, aangezien die schepen toen voor andere doeleinden werden ingezet. Tegenwoordig zijn blikken plafonds in Nederland zeer zeldzaam.
Gebouw Elim is in gebruik als multifunctioneel verenigingsgebouw van de Protestantse Gemeente Aalten. Het huidige gebouw Elim werd in 1959 gebouwd ter vervanging van het Cathechiseerhuis ‘Elim’ op dezelfde plek. Oudere kinderen van de Nederlandse Hervormde Kerk kregen hier godsdienstles. In dit catechiseerhuis hield men rond 1880 ook zondagsschool.
In 1907 waren er plannen voor het vernieuwen van het toenmalige Cathechiseerlokaal. De kosten waren begroot op ruim 2000 gulden. Een flinke verbouwing was hoognodig want, zo lazen we in de Aaltensche Courant:
Welk gebouw in Aalten wordt meer gebruikt voor vergaderingen dan het Cathechiseerhuis. Dikwijls moeten twee of drie vergaderingen gelijktijdig gehouden worden, wat natuurlijk in het tegenwoordige niet kan. En ook is de ruimte veel te klein. We denken aan openbare vergaderingen, anti-kermis-samenkomsten, kerstfeestvieringen enz. Zelfs voor gewone vergaderingen van Jongelings- en knapenvereeniging is het gebouw niet doelmatig. Bovendien is het bestaande gebouw slecht en zal, indien de verbouwing onverhoopt niet mocht doorgaan, spoedig eene goede restauratie noodig zijn.
Wat er van deze plannen terechtkwam hebben we (nog) niet gevonden.
Nieuwbouw
Op 20 oktober 1959 schreef Dagblad Tubantia:
Ds. Stegeman zal maandag het nieuwe Elim openen
Ds. J.D. Stegeman, emeritus predikant van de Ned. Herv. Gemeente van Aalten, zal maandagmiddag het nieuwe kerkcentrum Elim officieel openen. Daarmee zal op feestelijke wijze een periode van twee jaar worden afgesloten, tijdens welke het oude Elim tot op de bodem werd afgebroken om plaats te maken voor een ruim en modern gebouw dat een ontmoetingscentrum wil zijn voor alle Aaltense hervormden.
Gemeente bracht er offers voor
Elim is in Aalten een begrip sinds tientallen jaren. Er werd vergaderd op hoog en laag niveau, zang- en toneelverenigingen repeteerden er, catechisaties werden er gehouden en Elim deed dienst bij trouw- en rouwdiensten. Maar Elim groeide geleidelijk uit zijn jasje en het begon ook tekenen van slijtage en uitwoning te vertonen. Zo rijpten een jaar of drie geleden de plannen voor algehele nieuwbouw; plannen waarvan de uitvoering veel geld zou vergen.
Maar de Aaltense hervormden brachten dat geld eendrachtig bijeen. Een inzameling onder de gemeenteleden verschafte een hechte basis van ruim ƒ 80.000, welk bedrag in vijf jaar tijds geïnd zou kunnen worden. Daarbij kon gevoegd worden een fonds dat oorspronkelijk bedoeld was voor de bouw van een hervormd jeugdcentrum op de Wehme, welk plan evenwel niet is uitgevoerd. Al met al bleek er een bouwkapitaal van ruim een ton beschikbaar.
Toch heeft de praktijk uitgewezen dat ook dat bedrag nog niet voldoende zal blijken. De bouw van het nieuwe Elim zal namelijk naar schatting anderhalve ton eisen en daarbij is de inrichting niet gerekend.
Goede investering
Het is een flinke investering voor een kerkelijke gemeente. Maar het is een goede investering geweest. Want het nieuwe Elim is een prachtig gebouw geworden, misschien niet zozeer wat uiterlijk betreft doordat de mogelijkheden beperkt waren, maar vooral qua interieur. Het werk is onder architectuur van de heren J.B. Blekkink te Aalten en Huistra te Almelo uitgevoerd door het Aaltense aannemersbedrijf Vreeman.
In de hal trekt het oog terstond een gebeeldhouwd kruis met wijnranken, een fraaie schepping van de kunstenaar Baljet uit Beek bij Nijmegen. De grote zaal, die straks ook dienst zal gaan doen voor jeugd- en rouwdiensten, biedt (zonder tafeltjes) plaats aan 254 personen. Er is een bescheiden toneelruimte in gebouwd. Gelijkvloers bevinden zich verder de bibliotheekzaal, de keuken en toiletten. Op de eerste etage liggen nog drie vergaderlokalen, waarvan het grootste bestemd zal zijn voor zgn. brede kerkeraadsvergaderingen, koorrepetities e d. Een der kleinere zalen valt op door de massieve oude balken, die het geheel een antiek aanzien verlenen. Uit de hal leidt een aparte trap naar de garderobe. Boven de trap naar de verdieping valt het oog op een door Piet te Lintum vervaardigde muurschildering, gebaseerd op de Bijbeltekst uit Exodus: „Daarna kwamen zij in Elim, daar waren twaalf waterbronnen en zeventig palmbomen en zij legerden zich daar aan het water.”
Met het oude Elim is tot spijt van vele Aaltenaren een markant plekje verdwenen uit het dorpsbeeld, namelijk de verhoogde doorgang met aan de zijde van de Kerkstraat vooral een alleraardigste trapopgangetje. Nu loopt tussen de kerk en Elim een enkele meters brede weg, zij het ook dat die straks niet voor het openbaar verkeer open zal zijn.
Renovatie
In de periode 2009-2010 is gebouw Elim geheel gerenoveerd en daarbij is een bijzondere muurschildering van Piet te Lintum bewaard gebleven. Het gebouw beschikt over een grote zaal met circa 150 zitplaatsen en een podium. Verder een kleedkamer c.q. vergaderruimte, drie vergaderzalen, twee keukens, een ruime hal en goede sanitaire voorzieningen zowel beneden als boven. Voor de bovenetage is een lift aanwezig. Het gebouw wordt gebruikt voor allerlei kerkelijke activiteiten en wordt daarnaast verhuurd voor activiteiten als vergaderingen, toneelavonden of presentaties.
In 1958 vierde schoenmaker C.D. Baan zijn zestigjarig jubileum als schoenmaker. Vrijwel iedere Aaltenaar kende de schoenmaker en zijn knusse werkplaatsje aan de Prinsenstraat.
Daar hamerde, priemde, lapte en schuurde hij nog steeds, want hij was het handwerk trouw gebleven. Hij gebruikte nog steeds dezelfde klop- en pinhamer, waarmee hij zestig jaar eerder de eerste schoenzolen bewerkte. Dat was de hamerkoppen trouwens ook wel aan te zien.
Eénmaal had hij op het punt gestaan op machines over te gaan, dat was in het laatst van de oorlog. Op een fatale dag echter werd de zoon, die voorbestemd was het bedrijf van zijn vader voort te zetten, bij een bombardement gedood.
Modernisering leek ineens volslagen onbelangrijk en zinloos. Het kwam er niet meer van. En zo zat Baan nog steeds achter de werkbank, die hij een kleine veertig jaar eerder zelf maakte, in dezelfde werkplaats zonder machines maar met acht lange rijen schoenleesten, het waarmerk van zijn handwerk.
Zo zat schoenmaker Baan zestig jaar aan zijn werkbank zolen en hakken reparerend of bezig met het maken van een paar nieuwe schoenen.
Dit was een samenvatting. Lees het hele verhaal hier: Delpher
De panden Dijkstraat 18, 20 en 22 zijn omstreeks 1979 afgebroken om plaats te maken voor de doorbraak van de Admiraal de Ruyterstraat tussen Dijkstraat en Stationsstraat.
In dit huis naast de Aaltense synagoge woonden aan het begin van de Tweede Wereldoorlog Yitzchak Jedwab en Lena Kropveld.
Yitzchak, geboren in Polen, vestigde zich in 1938 in Aalten en was rabbijn (voorganger) van de Joodse gemeente. Lena kwam van de Hogestraat 14 in Aalten. Het paar trouwde op 1 juli 1942 in het geheim op het gemeentehuis in Aalten. In september 1942 doken ze onder bij de familie Veldboom op boerderij De Ronde in Lintelo. Later, in juni 1944, vonden zij onderdak bij de familie Wevers aan de Koningsweg.
Gerrit Jan te Brake (Aalten, 24-02-1856), timmerman, bakker (1) Christina Wevers (Barlo, 02-05-1849) (2) Louisa Theodora Westerhoff (De Heurne, 25-09-1861)
Deze website gebruikt cookies voor een optimale ervaring en analyse van bezoekgegevens. Ga je hiermee akkoord? Zonder toestemming werken sommige onderdelen van de site mogelijk minder goed.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.