De oorsprong van ‘de Groen’ ligt op 11 maart 1868. Op die dag werd de “Eerste vergadering ter oprigting eener school voor Posetief Christelijk onderwijs te Aalten” gehouden. In 1869 werd er gestart met het onderwijs in de school aan de Bredevoortsestraatweg.
Christelijk Nationale School
Al in 1853 stelde ds. Breukelaar voor een christelijke school in Aalten te stichten (zijn eigen kinderen gingen nog in Varsseveld naar de christelijke school). Er ging weliswaar een aantal jaren overheen, maar in 1868 werd dan toch de Schoolvereniging opgericht. En dat viel niet mee, want de kosten daarvan waren voor de volle 100% voor rekening van de ouders. Een christelijke school kreeg in die tijd geen rijkssubsidie. Die kwam pas in 1917.
Ondanks het feit dat de Afgescheidenen van Aalten het predikantstraktement van ƒ 500 maar nauwelijks konden opbrengen, gingen ze dus ook aan de slag met het stichten van de ‘School met den Bijbel’. Op 1 december 1869 kon de school aan de Bredevoortsestraatweg geopend worden. De kerkenraad had besloten het bestuur niet ‘kerkelijk’ te maken om zo ook de kinderen uit hervormde gezinnen de kans te geven het christelijk onderwijs te volgen; het was een ‘Christelijk Nationale School’.
In het begin van de jaren twintig van de vorige eeuw onderging het gebouw enige uitbreidingen. In 1925 kreeg de school de naam ‘Groen van Prinstererschool’. De naam is ontleend aan Mr. Guillaume Groen van Prinsterer (1801–1876), staatsman en historicus en voorvechter voor het christelijk onderwijs.
Schoolstrijd
Hoewel slechts een paar hervormde ouders een bijdrage gegeven hadden voor de bouw van de school, werd toch een groot aantal kinderen uit hervormde gezinnen bij de school ingeschreven. Velen konden het schoolgeld echter niet betalen, zodat hun bijdrage ten laste kwam van het door de Afgescheiden Gemeente opgerichte ‘Suppletiefonds’. Dat fonds werd gevuld door collecten die in de kerk gehouden werden.
Toen in de hervormde gemeente orthodoxe predikanten aantraden verzocht het schoolbestuur hun de schoolgelden van de hervormde gezinnen voor rekening van de hervormde kerk te nemen. Ds. J.H.F. Gangel (1839-1908), die van 1879 tot 1887 hervormd predikant in Aalten was (en toen in Aalten met de Doleantie meeging), eiste in ruil daarvoor hervormde medezeggenschap in het schoolbestuur én bestuurszetels. De Afgescheiden kerkenraad c.q. het schoolbestuur weigerde dat ‘omdat men de beginselen zuiver wilde houden’. Ds. Gangel bracht de zaak toen voor de kantonrechter, die hem aanraadde ‘de onkosten te betalen en naar huis te gaan’.
Dat deed hij inderdaad, maar daar bleef het niet bij: hij stichtte toen een hervormde lagere school aan de Hoogestraat, waarop met grote letters boven de hoofdingang geschilderd werd: “De heerlijkheid van dit Huis zal groter zijn dan van het eerste”. Het hoofd van de oude school, meester Siebel, ging met de hervormde school mee en alleen onderwijzer Rots bleef als onderwijzer met 90 kinderen als een rots in de branding in de School met den Bijbel achter.
Nieuwbouw en verhuizingen
In april 1969 werd de nieuwe school aan de Ahavestraat geopend.
De integratie van het kleuter- en lager onderwijs werd in ons land in 1985 voltooid; hiermee was de basisschool een feit. De kleutergroepen van de Groen van Prinstererschool waren tot 2001 gehuisvest in het gebouw aan de Willebrordstraat. In dat jaar werden de beide locaties (Ahavestraat en Willebordstraat) in één gebouw gehuisvest op de huidige locatie aan de Ludgerstraat, waar voorheen de St. Ludgerschool was gevestigd.
Op de begane grond waren ooit de plaatselijke nachtwacht, gevangenis en brandweer gevestigd. Erboven was de openbare dorpsschool, met de ingang op de kerkheuvel.
Fragment kadastrale kaart, 1882 (perceel I-3736)1913 (coll. EHDC)Graafschapbode, 27 april 1923Aaltensche Courant, 5 mei 1925Aaltensche Courant, 1 mei 1936Aaltensche Courant, 2 mei 1947
In Aalten was het vroeger gebruikelijk dat veehouders zelf boter karnden en deze aan de plaatselijke winkeliers verkochten. Dit veranderde in 1896 met de oprichting van de Aaltense Coöperatieve Zuivelfabriek (ACZ), beter bekend als de Boterfabriek, op initiatief van de heer Slicher van Bath. Dit bracht een enorme werkbesparing voor de landbouwers, waardoor zij zich intensiever op andere taken konden richten. Bovendien verbeterde de kwaliteit van de boter aanzienlijk.
De eerste vergadering om de mogelijkheden tot oprichting van een coöperatieve zuivelfabriek te onderzoeken vond plaats op 27 december 1895. Dit gebeurde op initiatief van de heer A.P. Slicher van Bath, voorzitter van de afdeling Aalten van de Gelders-Overijsselse Maatschappij van Landbouw. Al snel werd besloten een coöperatie op te richten, waarin uit elke buurtschap van Aalten twee leden zitting hadden.
Men ging voortvarend te werk. Bij akte van 21 februari 1896 werd de coöperatie officieel opgericht bij de toenmalige notaris van Aalten, de heer P. Losecaat Vermeer. Slicher van Bath werd benoemd tot voorzitter. De overige bestuursleden waren W.F. te Bokkel, H.W. Westendorp, C. Tolkamp, H. Lammers, W. Rosier, E. Scheffer, W. Lammers, Joh. Obbink, R. van der Wint, J.W. Klein Poelhuis en G.J. Hoftijzer.
Bouw en uitbreidingen
Een tuin op de Kemena werd gekocht van de heer Arentzen en de bouw van het fabrieksgebouw werd aanbesteed. Samen met de machines bedroeg de investering 18.000 gulden. Dit geld werd verkregen door de uitgifte van obligaties en het plaatsen van aandelen à tien gulden. In de zomer van 1896 kwam het gebouw tot stand. De eerste directeur werd R. de Jong, die deze functie echter slechts anderhalf jaar vervulde. Hij werd opgevolgd door G. de Vries.
Op 21 september 1896 werd de eerste melk ontvangen. In de eerste weken werd er tussen de 2600 en 2800 liter melk geleverd. Aanvankelijk werd de geproduceerde boter voornamelijk naar Engeland verkocht. In de loop der jaren bleef de hoeveelheid aangeleverde melk toenemen, waardoor de fabriek regelmatig moest uitbreiden.
Diefstal
In de nacht van 6 op 7 mei 1920 werd uit een brandkast in het kantoor van directeur De Vries een geldbedrag van ruim 14.000 gulden gestolen. Na maandenlang onderzoek door Justitie en Marechaussee in deze geruchtmakende zaak, leidde een heuse undercoveroperatie uiteindelijk tot de arrestatie en veroordeling van de twee daders.
In 1936 werd uitgebreid stilgestaan bij het 40-jarig bestaan. Bekend werd de zuivelfabriek door de kaasmakerij. In 1976 werd het bedrijf gesloten.
Supermarkt
Lambertus Kip had een kleine ELKA supermarkt aan de Hogestraat. De naam ELKA was afkomstig van de initialen van de oprichter (L.K.). Kip wilde zijn imperium drastisch uitbreiden en kocht de oude zuivelfabriek voor ruim 1 miljoen gulden. Hij bouwde het pand om tot een Elka Giganta supermarkt.
Deze supermarkt werd op 7 september 1978 geopend. Iedere inwoner kreeg een pentekening van de oude Roomboterfabriek. Door de wijze van leidinggeven en de gedwongen winkelnering die men aan de werknemers wilde opleggen kwam het in 1980 in de Aaltense vestiging tot een bedrijfsbezetting door de Dienstenbond FNV.
Door deze kwestie werd het bedrijf beschadigd en verkocht aan Albeda Jelgersma van groothandel Unigro. Er vestigde zich een Almarkt, later werd het Super Hendriks en tenslotte Super de Boer. Na de overname door Jumbo werden de gebouwen van de voormalige zuivelfabriek in 2012 gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw voor de supermarkten Jumbo en Aldi.
Briefhoofd ‘Coöperatieve Stoomzuivelfabriek Aalten’, 1910Zuivelfabriek Aalten, tegeltableau ca. 1915‘Aaltensche Coöp. Zuivelfabriek’Sticker die op de kazen werd geplakt voordat ze de Aaltense zuivelfabriek verlieten voor de verkoop of export (foto: Hans Schutte)Nieuwe Winterswijksche Courant, 25 augustus 1976
De molen ‘op ’t Rot’ stond tussen het huis aan de Admiraal de Ruyterstraat nummer 7 en de toenmalige Breukelaarschool (MULO) aan de Piet Heinstraat. Deze buurt werd ’t Rot genoemd. In de volksmond stond de molen bekend als de ‘molen van Hakstege’.
De molen werd in 1896 gebouwd door Derk Hakstege (1860-1953), op de plek waar daarvoor ook al een molen stond die echter was afgebrand. Deze voorganger was een achtkante beltmolen genaamd ‘De Knötte’.
Zoon Abraham Wessel Hakstege (1889-1964) was ongeveer 7 jaar oud toen de molen werd gebouwd. De benodigde bakstenen werden per spoor aangevoerd. Het transport van de stenen gebeurde nog met paard en wagen. De afstand tussen het spoorstation en de nieuw te bouwen molen was ongeveer 3 tot 4 honderd meter en zoonlief kreeg de opdracht het paard en de wagen te begeleiden.
Onttakeling
In 1931 werd de molen onttakeld, omdat de kosten voor een nieuwe as die op dat moment nodig was, niet op te brengen waren. De molen liep daarna in 1952 zware stormschade op. Rond 1970 werd ook de romp verwijderd.
Na het overlijden van zijn vader werd Abraham Wessel op 1 juli 1954 eigenaar van de molen. Wegens ziekte, ouderdom en het ontbreken van een opvolger voor het beroep van molenaar werd de molen op 27 september 1963 verkocht aan de Breukelaarschool die ruimte nodig had voor uitbreiding.
Deze website gebruikt cookies voor een optimale ervaring en analyse van bezoekgegevens. Ga je hiermee akkoord? Zonder toestemming werken sommige onderdelen van de site mogelijk minder goed.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.